Column: Bob van Vliet

Ter verdediging van BK Scholars for Palestine

De academische gemeenschap in Delft oefent zich te weinig in het voeren van een kritisch, beargumenteerd en respectvol debat. Zo kwijnt de academische vrijheid weg, betoogt columnist Bob van Vliet. Hij roept hoogleraren en anderen in hoge posities op om het voortouw te nemen.

Bob van Vliet: “Door iedereen langs één meetlat te leggen, wordt het geheel onterecht een apolitiek gebeuren.” (Foto: Sam Rentmeester)

Er is verschil tussen vrijheid van meningsuiting, journalistieke vrijheid, en academische vrijheid. Maar alle drie zijn ze cruciaal voor de gemeenschap van kritische, onafhankelijke denkers die een universiteit zou moeten zijn. Het is al even duidelijk dat de eerste twee onder druk staan in Delft. Ze werden zelfs openlijk aangevallen. Voor de derde geldt dat deze simpelweg niet verdedigd lijkt te worden.

De decaan van Bouwkunde besloot recent om een bijeenkomst met presentaties over de vernietiging van Gaza door onderzoekers van zijn faculteit af te gelasten. Er waren ‘signalen’ dat de faculteit geen ‘constructieve en respectvolle dialoog’ zou kunnen waarborgen.

Het enige concrete ‘signaal’ dat de decaan noemt is het van de muur scheuren van posters waarmee het evenement aangekondigd werd. Er was blijkbaar geen inhoudelijk bezwaar. Waarom is het recht op academische vrijheid van deze onderzoekers dan zo makkelijk prijsgegeven? Het hele idee van een universiteit is dat het een plek is die de veiligheid biedt om ongemakkelijke claims te verdedigen. Ook – juist! – als daar weerstand tegen is.

Bij de twee Teach-Ins over Palestina vorig jaar reageerde de universiteit vergelijkbaar. Er werden toen strenge voorwaarden opgelegd om te voorkomen dat die onrust zouden opleveren of dat bezoekers zich onveilig zouden voelen. Maar er werd niets gedaan om de vrijheid en veiligheid van de organisatoren zélf te garanderen.

Een vrijheid die niet wordt verdedigd, bestaat niet

En dat terwijl zelfs onze Grote Leider, toen hij verklaarde dat demonstraties en controversiële uitspraken niet op de campus thuishoren, er niet onderuit kwam om op zijn minst lippendienst te bewijzen aan de academische vrijheid. Ook hij moest erkennen dat het verdedigen daarvan tot de kernverantwoordelijkheden van een universiteit behoort.

De organisatoren van het evenement bij Bouwkunde wilden hun bijeenkomst in aangepaste vorm door laten gaan. Waarom mocht dat niet? Waarom niet op zijn minst zoiets doen als afgelopen 4 mei op de Dam? Een beperkt publiek. Enkel toegang met een campuskaart. Duidelijk maken dat geen enkele overschrijding van academische omgangsvormen getolereerd zal worden.

De universiteit had er alles aan moeten doen om dit evenement mogelijk te maken. Want een vrijheid die niet wordt verdedigd, bestaat niet. Maar een vrijheid kwijnt ook weg als die niet regelmatig uitgeoefend wordt.

Dat maakt het kwalijk dat er nauwelijks kritisch debat is op onze universiteit. Wanneer je als gemeenschap in staat wil zijn om inhoudelijk om een beargumenteerd en respectvol debat te voeren over maatschappelijk gevoelige onderwerpen, dan moet je dat ook met regelmaat dóen.

Het zou goed zijn als vooral hoogleraren en anderen in hogere posities zich vaker publiek zouden uitspreken in discussies zoals die over financiering door de fossiele industrie, de uitbreiding naar Rotterdam, en sociale veiligheid. Zij hebben de luxe dat relatief veilig te kunnen doen. Door kritiek en debat te normaliseren kunnen zij rugdekking geven aan degenen in kwetsbaardere posities om impopulaire standpunten te verdedigen.

Ook het annuleren van het evenement van BK Scholars for Palestine en het gebrek aan onderbouwing van dat besluit zou onderwerp van debat moeten zijn. Want nogmaals: academische vrijheid geldt voor iedereen, of zij bestaat niet.

Bob van Vliet is docent bij de faculteiten Mechanical Engineering en Bouwkunde en gespecialiseerd in ontwerponderwijs.

Columnist Bob van Vliet

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

B.vanVliet@tudelft.nl

Comments are closed.