Onderwijs

Tijdelijk oudgedienden in management van OCP

Met de tijdelijke benoeming van twee oudgedienden heeft decaan Dalmijn weer wat orde op zaken gesteld in de leiding van de faculteit Ontwerp, Constructie en Productie (OCP).

Aangesteld zijn ir. H. van Iperen, thans programmaleider MOD, als hoofd Personeel en Organisatie, en voormalig secretaris-beheerder van Mijnbouw ir. T. Cartier van Dissel als hoofd Financiën en Projectondersteuning. In beide gevallen gaat het om een tijdelijke aanstelling van drie dagen in de week.

Cartier van Dissel (61) was deze zomer vervroegd uitgetreden maar vindt het ‘een interessante klus’, die hij hooguit zes maanden zal waarnemen, omdat voor een vaste aanstelling spoedig wordt geworven.

Van Iperen (59), eveneens oud-beheerder, blijft actief voor de reorganisatie van de ondersteunende diensten (MOD), zij het voor een dag in de week. Bij OCP zal hij zich bezighouden met het opzetten van een nieuwe P&O-afdeling, ,,die intussen nogal ontvolkt is”, aldus Van Iperen. ,,Er staan al een tijd drie vacatures open, en het zijn ook niet geringste.”

Met uitzondering van het hoofd Facility Management, is het managementteam van OCP daarmee weer zo goed als in functie. Onder aanvoering van decaan Dirken legde het vorige team deze zomer collectief de functies neer uit onvrede met het nieuwe managementmodel voor de faculteit. In plaats van Dirken brengt Dalmijn dat model nu in de praktijk.
Vacuüm

Vice-voorzitter dr. J. Schoormans van de onderdeelscommissie laat weten blij te zijn met de benoemingen, maar wijst erop dat het om tijdelijke aanstellingen gaat. ,,In zoverre is het een tussenmaatregel.” Volgens hem ,,werd het langzamerhand wel tijd dat er wat actie werd ondernomen, want het machtsvacuüm is tot dusver het grootste probleem geweest. Nu kan er weer gebouwd worden.”

Over zijn keuze voor tijdelijke benoemingen zegt Dalmijn dat hij bij voorkeur met een ervaren team de continuïteit wilde terugbrengen, om daarna ,,een nieuwe bemanning aan boord te halen”. Bovendien had de interim-decaan haast: ,,Ik had de faculteit beloofd dat de bemensing voor 1 januari weer rond zou zijn.” Over de koers die de faculteit nu vaart, heeft hij ‘een goed gevoel’. ,,Ik heb in ieder geval de indruk dat de faculteit er weer in gelooft.”

Met ingang van het nieuwe jaar is een commissie ingesteld om op zoek te gaan naar een definitieve decaan.

Aangesteld zijn ir. H. van Iperen, thans programmaleider MOD, als hoofd Personeel en Organisatie, en voormalig secretaris-beheerder van Mijnbouw ir. T. Cartier van Dissel als hoofd Financiën en Projectondersteuning. In beide gevallen gaat het om een tijdelijke aanstelling van drie dagen in de week.

Cartier van Dissel (61) was deze zomer vervroegd uitgetreden maar vindt het ‘een interessante klus’, die hij hooguit zes maanden zal waarnemen, omdat voor een vaste aanstelling spoedig wordt geworven.

Van Iperen (59), eveneens oud-beheerder, blijft actief voor de reorganisatie van de ondersteunende diensten (MOD), zij het voor een dag in de week. Bij OCP zal hij zich bezighouden met het opzetten van een nieuwe P&O-afdeling, ,,die intussen nogal ontvolkt is”, aldus Van Iperen. ,,Er staan al een tijd drie vacatures open, en het zijn ook niet geringste.”

Met uitzondering van het hoofd Facility Management, is het managementteam van OCP daarmee weer zo goed als in functie. Onder aanvoering van decaan Dirken legde het vorige team deze zomer collectief de functies neer uit onvrede met het nieuwe managementmodel voor de faculteit. In plaats van Dirken brengt Dalmijn dat model nu in de praktijk.
Vacuüm

Vice-voorzitter dr. J. Schoormans van de onderdeelscommissie laat weten blij te zijn met de benoemingen, maar wijst erop dat het om tijdelijke aanstellingen gaat. ,,In zoverre is het een tussenmaatregel.” Volgens hem ,,werd het langzamerhand wel tijd dat er wat actie werd ondernomen, want het machtsvacuüm is tot dusver het grootste probleem geweest. Nu kan er weer gebouwd worden.”

Over zijn keuze voor tijdelijke benoemingen zegt Dalmijn dat hij bij voorkeur met een ervaren team de continuïteit wilde terugbrengen, om daarna ,,een nieuwe bemanning aan boord te halen”. Bovendien had de interim-decaan haast: ,,Ik had de faculteit beloofd dat de bemensing voor 1 januari weer rond zou zijn.” Over de koers die de faculteit nu vaart, heeft hij ‘een goed gevoel’. ,,Ik heb in ieder geval de indruk dat de faculteit er weer in gelooft.”

Met ingang van het nieuwe jaar is een commissie ingesteld om op zoek te gaan naar een definitieve decaan.

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.