Discussies over diversiteit gaan tegenwoordig uitsluitend over persoonskenmerken – huidskleur, gender, etniciteit – maar nooit over meningen en standpunten. Dat is zeer verontrustend, zeker in een academische omgeving en in de journalistiek. Zinvolle discussies kunnen immers alleen gevoerd worden tussen mensen met verschillende opvattingen.
Als overtuigd atheïst gaf ik vroeger voordrachten voor zielsverwanten. Ik oogstte volop instemming, lovende woorden en schouderklopjes. Op een gegeven moment realiseerde ik me hoe zinloos dat eigenlijk was. Het was preaching to the choir, zoals de Fransen zeggen. Ik wil gelovigen heus niet bekeren – doorgaans is dat een kansloze onderneming – maar discussies met andersdenkenden zijn nu eenmaal levendiger en zinvoller dan met gelijkgestemden.
Het is de taak, zo niet de plicht, van de universiteit en de journalistiek om verschillende opvattingen aan het woord te laten. Tot mijn afgrijzen gebeurt dat steeds minder. Er is veel te doen over de toenemende polarisatie in de samenleving, en ik zie die ontwikkeling met lede ogen aan. In belangrijke mate wordt zij veroorzaakt doordat er kampen ontstaan die afwijkende meningen buiten de deur houden. De onwelgevalligen verenigen zich vervolgens elders en zijn vanaf dat moment ‘de vijand’.
Een jaar geleden ontsloeg Het Parool columnist Theodor Holman. Hij schreef ongeveer 10 duizend columns voor deze ‘verzetskrant’, in zijn hoogtijdagen zelfs dagelijks. Veel lezers beklaagden zich over zijn uitgesproken standpunten, vooral waar het Israël betrof. Als reactie publiceerde de hoofdredactie deze verklaring: ‘Na meer dan 30 jaar nemen wij afscheid van een gewaardeerde en uitgesproken columnist met een groot Paroolhart.’ Het beëindigen van zijn column ging niet in goed overleg en was zeer tegen de zin van Theodor Holman.
Als lezers boos zijn over een column, dan moet je die lezers bestraffend toespreken, niet de columnist
Onlangs vertrok Sylvain Ephimenco bij Trouw. Op een kritische column over het Nederlandse asiel- en immigratiebeleid kwamen veel boze reacties. In een hoofdredactioneel commentaar werd hem verweten dat hij de feiten had verdraaid. Een krant hoort haar columnisten te steunen en niet in het openbaar te kapittelen. Tenzij er sprake is van iets werkelijk verwerpelijks, maar het verkondigen van een onwelgevallige mening behoort daar niet toe. ‘Vanzelfsprekend’ had ik daaraan willen toevoegen, maar blijkbaar is dat tegenwoordig anders. Als lezers boos zijn over een column, dan moet je die lezers bestraffend toespreken, niet de columnist. Het is immers de taak van de columnist om te prikkelen en dat mag provocatief zijn. Maar blijkbaar is dat tegenwoordig anders.
Het zijn twee recente voorbeelden van tegendraadse meningen die uit een landelijke krant zijn verdwenen. Waar is dat nobele streven naar diversiteit en pluriformiteit gebleven als het om opvattingen gaat? Hoe saai is een krant waarin iedereen het met elkaar eens is, en hooguit van mening verschilt over het beste nummer van Taylor Swift? Het is zeer betreurenswaardig dat hoofdredactie lijkt te buigen voor lezers die het niet eens zijn met de mening van een van hun vele columnisten. Het wordt netjes verpakt als ‘een nieuwe koers’ maar het riekt naar censuur.
Polarisatie wordt een steeds groter probleem in de samenleving. Het is uitermate onverstandig dat kranten dit verder in de hand werken door hun lezers tegendraadse meningen te onthouden, want niet iedereen leest een breed palet aan kranten en tijdschriften. Je wil toch niet voortdurend bevestigd worden in je eigen overtuigingen? Nosce hostem, zoals de Fransen zeggen.
Comments are closed.