Column: Dap Hartmann

CERN Zomerschool

De voorlopig laatste editie van de CERN Zomerschool begint volgende week, want de TU stopt met het Honours Programma. De belangstelling was onverminderd groot, maar het was lastig om de missie tot de deelnemers te laten doordringen, zegt mede-organisator Dap Hartmann. Misschien kwam dat door het magische acroniem CERN, dat verschillende reacties oproept bij studenten.

(Foto: Sam Rentmeester)

(Foto: Sam Rentmeester)

Volgende week begint de voorlopig laatste editie van de CERN Zomerschool die Sem Carree en ik jaarlijks organiseren voor studenten in het Honours Programma Delft (HPD). De TU Delft stopt namelijk met het Honours Programma vanwege het teruglopend aantal deelnemers, de hoge uitval, het verminderde aanbod van cursussen, en faculteiten die afhaken.

Dat het ook een welkome bezuiniging oplevert, wordt niet vermeld. Evenmin als het egalitaire argument dat een lid van het CvB ooit verwoordde: ‘We willen geen onderscheid meer maken tussen studenten’. Laten we vooral niet erkennen dat er naast veel gemiddelde studenten ook heel slimme en heel domme studenten zijn. Een gaussverdeling kun je niet wegpoetsen met nobele intenties.

In september 2018 ontving ik een e-mail van Romy Welschen: ‘Ik ben een student van 3mE en heb het afgelopen jaar bij CERN in Genève gewerkt aan het ontwerpen van een onderdeel voor het proton-synchrotron’. Ze had veel contact met Markus Nordberg, de directeur van IdeaSquare, die graag wilde dat multidisciplinaire studententeams uit Delft bij CERN nieuwe toepassingen zouden bedenken voor technologieën afkomstig uit natuurkundig onderzoek. Romy vroeg of ik daarin geïnteresseerd was.

Hield Ernest Hemingway van whisky? Het was een schot in de roos. Voor de broodnodige creatieve invalshoek benaderden we industrieel ontwerper Sem Carree, en gedrieën organiseerden we in 2019 de eerste HPD/CERN Zomerschool. Het programma ziet er als volgt uit: vijfentwintig studenten volgen zes weken lang avondcolleges, werken daarna drie volle dagen aan hun ideeën, en reizen vervolgens naar Genève om een week lang hun projecten af te ronden in IdeaSquare (motto: License to dream). Op de laatste vrijdag presenteren ze hun resultaten in het grootste restaurant van CERN, waar iedereen welkom is. Na deze pilot volgden nog zes edities, waaraan ook studenten van andere universiteiten deelnamen: de Universiteit van Amsterdam en Rotterdam School of Management uit Nederland, en vorig jaar ESADE Business School en Polytechnico Valencia uit Spanje.

CERN: ‘wow, geweldig, fantastisch’, of ‘aaah, moeilijk, eng’

De belangstelling voor onze zomerschool is onverminderd groot, maar het aantrekken van de juiste studenten is lastiger dan je zou denken. Dat komt door dat magische acroniem: CERN. Voor natuurwetenschappelijke en technische studenten betekent CERN: elementairedeeltjesfysica die het ontstaan van het heelal probeert te doorgronden – wow, geweldig, fantastisch! Voor creatieve en businessgeoriënteerde studenten betekent CERN: elementairedeeltjesfysica die het ontstaan van het heelal probeert te doorgronden – aaahhh, moeilijk, eng!

Hoewel we toch heel duidelijk uitleggen dat we in Genève niet op zoek gaan naar nieuwe elementaire deeltjes, maar naar alledaagse toepassingen van uiterst geavanceerde technologieën, wil dat maar moeilijk beklijven. Wetenschappelijke bollebozen zijn soms teleurgesteld dat ze hun briljante brein moeten inzetten voor zoiets mondains als ‘innovatie’. Creatieve bollebozen zijn juist opgelucht wanneer ze ontdekken dat het niet draait om hóe zo’n technologie werkt, maar om wat je ermee kunt doen. Gelukkig is iedereen aan het eind van de rit supertevreden en kijkt terug op een fantastisch avontuur.

Toch hebben we serieus overwogen om de titel van de zomerschool te veranderen in ‘Grasmaaien bij CERN’ om studenten te doen ontwaken uit hun fixatie op fundamentele natuurkunde, en te benadrukken dat ze innovatieve toepassingen moeten bedenken voor een technologie die, bijvoorbeeld, beweging kan meten met een nauwkeurigheid van enkele femtometers. Dat is namelijk heel bruikbaar en nuttig voor… ehh… ehm.

Dap Hartmann is universitair hoofddocent innovatie en ondernemerschap bij het Delft Centre for Entrepreneurship (DCE) aan de faculteit Techniek, Bestuur en Management. In een vorig leven was hij astronoom en werkte onder andere bij het Harvard-Smithsonian Center for Astrophysics. Samen met dirigent en componist Reinbert de Leeuw schreef hij een boek over moderne (klassieke) muziek.

Columnist Dap Hartmann

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

l.hartmann@tudelft.nl

Comments are closed.