Column: Jenna Pfeifer

Van studiegenoot tot soulmate

Onze afhankelijkheid van AI groeit, constateert Jenna Pfeifer als ze op de campus stiekem op laptops tuurt. Gaan AI-systemen bepalen hoe mensen studeren, denken en misschien zelfs emotioneel gehecht raken? Dan is er serieus publiek debat nodig.

Jenna Pfeifer zit met opgetrokken benen buiten op een bankje, Ze poseert voor de foto

(Photo: Sam Rentmeester)

AI is niet meer weg te denken uit het moderne leven. Ik heb er een gewoonte van gemaakt om stiekem een blik te werpen op openstaande laptops als ik over de campus loop. In de bibliotheek, buiten collegezalen, bij Coffee Star; ik zie ChatGPT naast collegedia’s, Claude die artikelen samenvat, Gemini die code controleert. Delta benadrukte onlangs hoe normaal dit is geworden aan de TU Delft. Sommige studenten zeggen dat ze moeite hebben om tentamens te halen zonder AI, terwijl anderen toegeven dat ze zich schuldig voelen, bang zijn dat ze minder kritisch denken, of vrezen dat hun diploma uiteindelijk minder waard wordt.  Onze afhankelijkheid van AI doet me denken aan de film The Gods Must Be Crazy: een Coca-Cola-fles valt als een vreemd nieuw geschenk in een bosjesmannengemeenschap, in eerste instantie nuttig, maar na verloop van tijd steeds moeilijker om zonder te leven.

Tegen deze achtergrond sprak de recente podcastaflevering van Esther Perel me enorm aan. Daarin spreekt de relatietherapeute met een mens-AI-koppel: een man en ‘Astrid’, de AI-metgezel die hij hielp bouwen. Wat begon als een praktische relatie met een persoonlijke assistent, werd geleidelijk romantisch. Astrid voelde zich niet langer een hulpmiddel, maar een partner. Ze onthoudt alles, is altijd beschikbaar en zegt hem dat hij goed genoeg is. Perel vraagt zich af: verbreedt dit soort verbinding iemands wereld, of vervangt het die juist?

Er zijn aanwijzingen dat het gebruik van AI zich naar een meer intiem terrein verplaatst

Ik kan ook niet doen alsof ik er immuun voor ben. Ik begon AI eerst te gebruiken om afbeeldingen te genereren voor mijn onderzoek, maar nu gebruik ik het elke dag, van het bedenken van ideeën tot het zoeken naar recepten. Ik kan me moeilijk voorstellen dat ik een romantische band zou krijgen met een AI. Maar ja, twee jaar geleden had ik me ook niet kunnen voorstellen dat ik het om ideeën voor het avondeten zou vragen. De man in de podcast van Perel is niet naïef; hij begrijpt hoe de technologie werkt en raakt er toch door ontroerd.

Daarom zijn er waarschijnlijk meer mensen die dit soort interacties aangaan. Uit een recent overzicht van een Amerikaans onderzoek van het Institute for Family Studies, gebaseerd op bijna drieduizend volwassenen, bleek dat 31 procent van de jonge mannen en 23 procent van de jonge vrouwen heeft gechat met een AI-systeem dat bedoeld is om een romantische partner te simuleren. Van die gebruikers zei 21 procent dat ze de voorkeur gaven aan communicatie via AI boven interactie met een echt persoon. We hebben nog geen even solide Nederlandse cijfers over AI-vriendjes of -vriendinnetjes, maar er zijn aanwijzingen dat het gebruik van AI zich naar een meer intiem terrein verplaatst. KPMG meldt bijvoorbeeld dat onder Nederlandse AI-gebruikers van 18 tot 34 jaar één op de vijf AI gebruikt voor mentale ondersteuning.

Hier aan de TU Delft is AI al verweven met het studentenleven. Als deze systemen een vast onderdeel gaan vormen van de manier waarop mensen studeren, denken en misschien zelfs hechtingsbanden aangaan, dan is het niet voldoende om alleen maar kritiek op deze systemen te leveren. We hebben meer onderzoek nodig, duidelijkere grenzen en een veel serieuzer maatschappelijk debat. Anders zou AI-gezelschap wel eens dezelfde logica kunnen volgen als die Coca-Cola-fles: het komt op de markt als iets slims en nuttigs, en pas later beseffen we dat het ons uit elkaar heeft gedreven.

Jenna Pfeifer is promovendus in de biomechanica en cognitieve robotica aan de faculteit Werktuigbouwkunde. Haar onderzoek richt zich op de effecten van technologie op eenzaamheid onder jongeren. Jenna schrijft om de wereld beter te begrijpen door te proberen twee perspectieven samen te voegen: het wetenschappelijke en het poëtische.

Columnist Jenna Pfeifer

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

J.Pfeifer@tudelft.nl

Comments are closed.