Studenten in de natuurwetenschappen moeten straks op reis om hun curriculum te completeren. Veel vakken in de masterfase worden in de toekomst waarschijnlijk nog slechts op één plek gegeven.
/strong>
Dat blijkt uit een ontwerpversie van het sectorplan natuurwetenschappen, waarin alle universiteiten gezamenlijk plannen maken om de zieltogende opleidingen nieuw leven in te blazen.
Het meest concreet zijn de plannen voor de wiskunde-opleidingen. De tien universiteiten, waaronder Delft, met wiskundeonderwijs gaan de gezamenlijke vakken in de masterfase straks nog maar op één plek aanbieden. Studenten moeten de laatste een of twee jaar van hun studie dus van stad naar stad trekken om hun curriculum vol te maken.
Onlangs publiceerden de drie technische universiteiten onder leiding van stuurgroepvoorzitter Hermans een eigen sectorplan, dat mikt op vergelijkbare doelen als taakverdeling en efficiency. De TU-opleidingen technische wiskunde, technische natuurkunde en scheikundige technologie krijgen nu dus ook te maken met het landelijke sectorplan. Toch zijn beide plannen niet strijdig met elkaar, omdat de plannen van de TU’s weer leidend zijn bij het totaalplan voor de natuurwetenschappen.
Voor de strategie van de TU Delft is het van belang dat het sectorplan natuurwetenschappen sterk de nadruk legt op regionale samenwerking. Voor Delft betekent dit dat men kan doorgaan om met Leiden de samenwerking op het gebied van wis-, natuur- en scheikunde uit te bouwen.
Landelijke werkgroepen zijn nu bezig voor natuur- en scheikunde eenzelfde plan als voor wiskunde uit te werken. Ze houden de masteropleidingen tegen het licht om te kijken of er veel doublures zijn en hoe de programma’s landelijk afgestemd kunnen worden. Bovendien beoordelen de werkgroepen de ‘doelmatigheid’: zijn er genoeg studenten, zijn de betrokken onderzoeksgroepen van voldoende statuur en zitten werkgevers wel op de studenten te wachten?
Naast de sanering studeren de universiteiten op manieren om de studies aantrekkelijker te maken. Natuurwetenschappelijke bacheloropleidingen van de universiteiten moeten straks naadloos aansluiten op masteropleidingen in dezelfde discipline elders. De bachelorstudies krijgen bovendien een breder karakter, bijvoorbeeld door major-minorcombinaties of nauwe samenwerking met andere universiteiten. Zo hopen de opleidingen meer studenten te trekken.
Dat is ook het beoogde doel van een duale bacheloropleiding tot leraar met een tweedegraads lesbevoegdheid.
Studenten in de natuurwetenschappen moeten straks op reis om hun curriculum te completeren. Veel vakken in de masterfase worden in de toekomst waarschijnlijk nog slechts op één plek gegeven.
Dat blijkt uit een ontwerpversie van het sectorplan natuurwetenschappen, waarin alle universiteiten gezamenlijk plannen maken om de zieltogende opleidingen nieuw leven in te blazen.
Het meest concreet zijn de plannen voor de wiskunde-opleidingen. De tien universiteiten, waaronder Delft, met wiskundeonderwijs gaan de gezamenlijke vakken in de masterfase straks nog maar op één plek aanbieden. Studenten moeten de laatste een of twee jaar van hun studie dus van stad naar stad trekken om hun curriculum vol te maken.
Onlangs publiceerden de drie technische universiteiten onder leiding van stuurgroepvoorzitter Hermans een eigen sectorplan, dat mikt op vergelijkbare doelen als taakverdeling en efficiency. De TU-opleidingen technische wiskunde, technische natuurkunde en scheikundige technologie krijgen nu dus ook te maken met het landelijke sectorplan. Toch zijn beide plannen niet strijdig met elkaar, omdat de plannen van de TU’s weer leidend zijn bij het totaalplan voor de natuurwetenschappen.
Voor de strategie van de TU Delft is het van belang dat het sectorplan natuurwetenschappen sterk de nadruk legt op regionale samenwerking. Voor Delft betekent dit dat men kan doorgaan om met Leiden de samenwerking op het gebied van wis-, natuur- en scheikunde uit te bouwen.
Landelijke werkgroepen zijn nu bezig voor natuur- en scheikunde eenzelfde plan als voor wiskunde uit te werken. Ze houden de masteropleidingen tegen het licht om te kijken of er veel doublures zijn en hoe de programma’s landelijk afgestemd kunnen worden. Bovendien beoordelen de werkgroepen de ‘doelmatigheid’: zijn er genoeg studenten, zijn de betrokken onderzoeksgroepen van voldoende statuur en zitten werkgevers wel op de studenten te wachten?
Naast de sanering studeren de universiteiten op manieren om de studies aantrekkelijker te maken. Natuurwetenschappelijke bacheloropleidingen van de universiteiten moeten straks naadloos aansluiten op masteropleidingen in dezelfde discipline elders. De bachelorstudies krijgen bovendien een breder karakter, bijvoorbeeld door major-minorcombinaties of nauwe samenwerking met andere universiteiten. Zo hopen de opleidingen meer studenten te trekken.
Dat is ook het beoogde doel van een duale bacheloropleiding tot leraar met een tweedegraads lesbevoegdheid.
Comments are closed.