Campus

Knorca wint de Varsity

Bezoekers van de braderie in het nieuwerwetse centrum van Houten kijken verstoord op. Uit de richting van het NS-station zwelt een stroom aan van jongemannen in pakken waarvan het verkreukelde jasje vol onbestemde vlekken zit.

Ze zijn vergezeld van in mantelpak gestoken dametjes met ladders in hun panty’s en nors kijkende grrrls in bomberjacks met veelal Scandinavisch klinkende opschriften als Njord, Skøll en Aegir. De bonte menigte blijkt niet voor de braderie te komen. Ze verdwijnt in pendelbussen in de richting van het Amsterdam-Rijnkanaal.

Aan de oevers van het kanaal, in de weilanden naast de spoorbrug, wacht hen de arena waar voor de honderdzeventiende maal gestreden zal worden om de gouden ‘Varsity-blikken’. Zeven corporale roeiverenigingen -waaronder het Delftse Laga- en drie ‘knorrenverenigingen’ vaardigen hun sterkste roeiers af om de eer van de vereniging en studentenstad te verdedigen. De gelukkige winnaars van het koningsnummer van de Varsity, de race tussen de ‘oude vieren’, wacht een omhelzing van naakt in het water gesprongen verenigingsgenoten. De winnende vereniging heeft de twijfelachtige eer om een ‘kroegjool’ te organiseren, waarbij de verliezers de kans krijgen hun frustraties weg te drinken, met alle gevolgen van dien.

Lang voordat de oude vieren op het kanaal verschijnen, strijden tal van seksen, bootlengtes en leeftijden om de ‘blikken’ op hun onderdeel. Dit ontgaat echter het grootste deel van het publiek. De hevigste strijd woedt namelijk op de oever. Dit tot groot plezier van de speaker, die de tradities kent: ,,Ah, er zijn mensen die weten hoe het hoort. Er wordt volop met modder gesmeten. Driewerf goedzo!” Als op de kant de rust dreigt weer te keren, moedigt hij aan: ,,Dames en heren, ik smeek u, strekt uw rechterarm uit en zooit uw buurman in het water.” De gemoederen raken verhit als een braspartijtje in de modder escaleert tot een ware knokpartij. Meisjes met strohoeden stappen verschrikt achteruit, maar de strijd is snel geblust als de speaker voor het eerst deze middag aandacht voor het water vraagt.

De nog stomende koppen draaien zich naar het kanaal, waar de oude vier van Orca uit Utrecht zich van een derde positie, langs het Wageningse Argo en het hoofdstedelijke Nereus naar een koppositie roeit. Als de Utrechtenaren als eerste door de finish glijden, vliegen de kluiten hen om de oren. Het zint de corporale verenigingen niets. Vorig jaar won Orca ook en organiseerde een sfeerloos feest in een ijshockeyhal. Nu delen Orcanen uitnodigingen uit voor een feest in een disco in de binnenstad. Bierprijs drie gulden vijftig. ,,Die kutknorren snappen er ook niets van”, moppert een corpslid. ,,En ze hadden ook nog eens een gemengde vier!” Het eerste gouden blik voor een boot met stuurvrouw, de corpora zijn in rouw.

Bezoekers van de braderie in het nieuwerwetse centrum van Houten kijken verstoord op. Uit de richting van het NS-station zwelt een stroom aan van jongemannen in pakken waarvan het verkreukelde jasje vol onbestemde vlekken zit. Ze zijn vergezeld van in mantelpak gestoken dametjes met ladders in hun panty’s en nors kijkende grrrls in bomberjacks met veelal Scandinavisch klinkende opschriften als Njord, Skøll en Aegir. De bonte menigte blijkt niet voor de braderie te komen. Ze verdwijnt in pendelbussen in de richting van het Amsterdam-Rijnkanaal.

Aan de oevers van het kanaal, in de weilanden naast de spoorbrug, wacht hen de arena waar voor de honderdzeventiende maal gestreden zal worden om de gouden ‘Varsity-blikken’. Zeven corporale roeiverenigingen -waaronder het Delftse Laga- en drie ‘knorrenverenigingen’ vaardigen hun sterkste roeiers af om de eer van de vereniging en studentenstad te verdedigen. De gelukkige winnaars van het koningsnummer van de Varsity, de race tussen de ‘oude vieren’, wacht een omhelzing van naakt in het water gesprongen verenigingsgenoten. De winnende vereniging heeft de twijfelachtige eer om een ‘kroegjool’ te organiseren, waarbij de verliezers de kans krijgen hun frustraties weg te drinken, met alle gevolgen van dien.

Lang voordat de oude vieren op het kanaal verschijnen, strijden tal van seksen, bootlengtes en leeftijden om de ‘blikken’ op hun onderdeel. Dit ontgaat echter het grootste deel van het publiek. De hevigste strijd woedt namelijk op de oever. Dit tot groot plezier van de speaker, die de tradities kent: ,,Ah, er zijn mensen die weten hoe het hoort. Er wordt volop met modder gesmeten. Driewerf goedzo!” Als op de kant de rust dreigt weer te keren, moedigt hij aan: ,,Dames en heren, ik smeek u, strekt uw rechterarm uit en zooit uw buurman in het water.” De gemoederen raken verhit als een braspartijtje in de modder escaleert tot een ware knokpartij. Meisjes met strohoeden stappen verschrikt achteruit, maar de strijd is snel geblust als de speaker voor het eerst deze middag aandacht voor het water vraagt.

De nog stomende koppen draaien zich naar het kanaal, waar de oude vier van Orca uit Utrecht zich van een derde positie, langs het Wageningse Argo en het hoofdstedelijke Nereus naar een koppositie roeit. Als de Utrechtenaren als eerste door de finish glijden, vliegen de kluiten hen om de oren. Het zint de corporale verenigingen niets. Vorig jaar won Orca ook en organiseerde een sfeerloos feest in een ijshockeyhal. Nu delen Orcanen uitnodigingen uit voor een feest in een disco in de binnenstad. Bierprijs drie gulden vijftig. ,,Die kutknorren snappen er ook niets van”, moppert een corpslid. ,,En ze hadden ook nog eens een gemengde vier!” Het eerste gouden blik voor een boot met stuurvrouw, de corpora zijn in rouw.

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.