Onderwijs

Duivels genuanceerd

Iedereen is het er wel over eens: de bloempot-met-eekhoorn die commercieel manager Ed van Vliet laat zien is een gedrocht. ,,Maar wie is de ontwerper om te besluiten dat het een nutteloos onzinproduct is? De fabrikant van dit ding verkoopt er honderd in de week, dus kennelijk maakt het mensen gelukkig.’

Dinsdagmiddag gingen viermaal twee zwaargewichten met elkaar in debat naar aanleiding van stellingen van de onderwijscommissie van studievereniging i.d. Centraal thema: de maatschappelijke rol van de ontwerper. Zijn ‘duivelse ontwerpen’ zouden wel eens onbedoeld de samenleving kunnen beïnvloeden.

Van Vliet bewijst met zijn verhaal dat het erg arrogant is om als ontwerper te bepalen wat wel en niet kan.

Toch vindt Van Vliet dat een industrieel ontwerper ethische overwegingen bij een ontwerp niet moet afschuiven. ,,Maar je moet oppassen met je eígen ethiek.” Kopers van gebruiksartikelen houden er hun eigen normen en waarden op na, zo getuigt de eekhoorn die even later op het katheder staat geparkeerd.

Onder de debaters zijn ingenieurs goed vertegenwoordigd, maar ook een gepromoveerde techniekfilosoof en een medewerker van het studentenpastoraat geven hun kijk op de zaak. Bij de meeste debaters staat de nuance voorop. Of zoals prof. Jan Willem Drukker (econoom en economisch-historicus) het verwoordt: ,,Eigenlijk ben ik het op grote lijnen wel met mijn opponent eens, maar dat levert natuurlijk niet het vuurwerk op dat jullie willen zien.”

Daarom zoekt Drukker het in de details bij het aanvallen van de stelling dat een ontwerper de gevolgen van zijn product in de samenleving moet voorzien. Anekdotisch haalt hij zijn eigen stage-ervaring bij een schoensmeerfabriek aan: ,,Ik kreeg de opdracht om te onderzoeken wat de reden was achter de grote export naar Ethiopië. In een land waar 95 procent van de mensen blootsvoets door het leven gaat, was de omzet namelijk verrassend hoog. Binnen een week was mijn stage afgelopen. Per kerende luchtpost reageerde de importeur in Dire Dawa op mijn vraag waar die schoensmeer dan naartoe ging: nou, in het haar!” Dus, zo betoogt Drukker, je kunt niet altijd alles voorzien als je een product ontwikkelt.

Iedereen is het er wel over eens: de bloempot-met-eekhoorn die commercieel manager Ed van Vliet laat zien is een gedrocht. ,,Maar wie is de ontwerper om te besluiten dat het een nutteloos onzinproduct is? De fabrikant van dit ding verkoopt er honderd in de week, dus kennelijk maakt het mensen gelukkig.”

Dinsdagmiddag gingen viermaal twee zwaargewichten met elkaar in debat naar aanleiding van stellingen van de onderwijscommissie van studievereniging i.d. Centraal thema: de maatschappelijke rol van de ontwerper. Zijn ‘duivelse ontwerpen’ zouden wel eens onbedoeld de samenleving kunnen beïnvloeden.

Van Vliet bewijst met zijn verhaal dat het erg arrogant is om als ontwerper te bepalen wat wel en niet kan.

Toch vindt Van Vliet dat een industrieel ontwerper ethische overwegingen bij een ontwerp niet moet afschuiven. ,,Maar je moet oppassen met je eígen ethiek.” Kopers van gebruiksartikelen houden er hun eigen normen en waarden op na, zo getuigt de eekhoorn die even later op het katheder staat geparkeerd.

Onder de debaters zijn ingenieurs goed vertegenwoordigd, maar ook een gepromoveerde techniekfilosoof en een medewerker van het studentenpastoraat geven hun kijk op de zaak. Bij de meeste debaters staat de nuance voorop. Of zoals prof. Jan Willem Drukker (econoom en economisch-historicus) het verwoordt: ,,Eigenlijk ben ik het op grote lijnen wel met mijn opponent eens, maar dat levert natuurlijk niet het vuurwerk op dat jullie willen zien.”

Daarom zoekt Drukker het in de details bij het aanvallen van de stelling dat een ontwerper de gevolgen van zijn product in de samenleving moet voorzien. Anekdotisch haalt hij zijn eigen stage-ervaring bij een schoensmeerfabriek aan: ,,Ik kreeg de opdracht om te onderzoeken wat de reden was achter de grote export naar Ethiopië. In een land waar 95 procent van de mensen blootsvoets door het leven gaat, was de omzet namelijk verrassend hoog. Binnen een week was mijn stage afgelopen. Per kerende luchtpost reageerde de importeur in Dire Dawa op mijn vraag waar die schoensmeer dan naartoe ging: nou, in het haar!” Dus, zo betoogt Drukker, je kunt niet altijd alles voorzien als je een product ontwikkelt.

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.