Robots moeten meer interactie aangaan met mensen, bijvoorbeeld in verzorgingstehuizen. Dat was een van de stellingen tijdens de opening van het TU Delft Robotics Institute vorige week vrijdag. Maar zitten de mensen daar wel te wachten op robots?
“Ah kijk, daar is Linda”, roept een van de receptionistes van het verpleeghuis van Viva Zorggroep in Heemskerk. “Nee, Eva heet ze”, corrigeert haar collega. “Door haar hebben we straks geen werk meer”, voegt ze er lachend aan toe.
Agelopen maandag – drie dagen na de officiele opening van het TU Delft Robotics Institute – bezocht dr.ir. Joost Broekens, onderzoeker bij de sectie interactive intelligence (EWI), samen met zorgrobot Eva een verpleeghuis om te polsen of de bewoners en zorgverleners enthousiast zijn over zorgrobots, en zo ja, welke taken zo’n robot volgens hen dan op zich moet nemen.
Eva trekt veel bekijks. De zorgverleners en de tijdelijke inwoners, veelal ouderen die revalideren van een operatie, reageren allemaal vrolijk als ze haar voorbij zien rijden. “Handig zo’n robot”, zegt een vrouw in een rolstoel die herstelt van een voetoperatie. “Als ik naar de badkamer ga, kan ze mijn kleren meenemen. Maar ik heb liever niet dat ze medische taken uitvoert”, voegt ze er snel aan toe.
“Ja, ik vind het ook prachtig”, zegt een 73-jarige vrouw die herstelt van een longontsteking. “Menselijk contact is belangrijk, maar gezien de vergrijzing denk ik toch ook dat dit soort robots de toekomst heeft. Robots kunnen je helpen bij het aankleden en ze kunnen de post voor je oprapen.”
Een zorgrobot zorgt voor meer autonomie, dat is de boodschap die bij elke reactie in verschillende bewoordingen terugkomt. Je hoeft niet meer voor elke kleinigheid om hulp te roepen; je laat de robot klusjes voor je doen.
Het is de eerste keer dat een Delftse robot een verpleeghuis bezoekt, althans voor zover Broekens kan nagaan. Broekens staat aan het hoofd van het Delftse zorgrobotproject. Officieel heet het project ‘value-based service robots’.
Eva is vorig jaar in vijf maanden in elkaar gesleuteld door een groepje studenten die de minor robotica volgden. Ze is ontworpen om simpele commando’s op te volgen, zoals de opdracht om een flesje frisdrank van een tafel te pakken en naar iemand toe te brengen. Daarnaast kan ze kan mensen volgen, en dankzij haar twee grote beweegbare wenkbrauwen heeft ze veel gelaatsuitdrukkingen.
Broekens wil aan het eind van het jaar een verbeterde versie van Eva gereed hebben die werkelijk zorgtaken op zich kan nemen in het verpleeghuis in Heemskerk. Daartoe zijn afspraken gemaakt met het verpleeghuis. Aan het eind van het jaar komt de robot een week proefdraaien. En elk daarop volgend jaar komt een wederom verbeterd prototype een tijdje op visite, zo is het plan.
“In eerste instantie willen we de robot drie taken laten uitvoeren”, vertelt Broekens. “Ze zal rondrijden op afdelingen en mensen die staan te treuzelen, en dus kennelijk de weg kwijt zijn, op weg helpen, ze zal tours geven en ze zal patiënten van kamer naar kamer brengen.”
Maar voordat Eva II werkelijk gemaakt wordt, wil de robotonderzoeker toch ook van de doelgroep horen waar behoefte aan is. In een zaaltje heeft zich een twintigtal medewerkers van de zorginstelling verzameld.
“Als ze de onderkant van mensen kan douchen en drogen, dan vervalt zo ongeveer de hele thuiszorg”, zegt een verpleegster die als eerste aan de beurt is om te spreken.
“Eten geven”, vult haar collega aan. “Op unit A heb je veel mensen met een beperking. Als de robot daar mensen te eten zou kunnen geven, dan hou je tijd over om andere dingen te doen.”
“Ja, maar zo simpel is dat niet”, zegt een van de fysiotherapeuten. “We zien nu al dat er van alles mis gaat als de mensen van het uitzendbureau patiënten te eten geven. Je moet de patiënten een beetje kennen wil je voorkomen dat ze zich verslikken. Misschien kan Eva wel revalidatiespellen spelen met de mensen.”
Een van de aangeschoven artsen is sceptisch. “Voor allerlei problemen zijn al slimme oplossingen bedacht. Met tablets kunnen we ook al van alles doen.”
Het idee om Eva medische taken uit te laten voeren, zoals het geven van injecties, is de arts een gruwel. De andere aanwezigen zijn het met haar eens. Alle taken die menselijke interpretatie vergen, moeten door mensen uitgevoerd blijven worden.
“Een stukje roomservice dan?”, oppert een medewerker van de facilitaire dienst. “Stel mevrouw X is bedlegerig en wil een broodje kroket, dan kan Eva die mooi voor haar ophalen.”
Een dame uit het management komt met een veel nijpender probleem. “Wat nu als we Eva gebruiken om mensen ’s nachts te kalmeren”, zegt ze. “Sommige cliënten die een herseninfarct hebben gehad, zijn ’s nachts onrustig en kalmeren alleen wanneer je hun hand vasthoudt. Kan Eva dat niet doen?”
Genoeg wilde ideeën denkt Broekens. “We laten de robot mechanische taken uitvoeren die veelvuldig voorkomen zodat de medewerkers meer tijd overhouden voor de menselijke zorg”, zegt hij. Hierop wordt instemmend gereageerd.
Wat volgt is een demonstratie van Eva’s kunnen. Of beter gezegd, van hetgeen Eva in de toekomst mogelijk kan.
Eva’s specialiteit is het serveren van een drankje. Maar dat doet ze dit keer niet uit zichzelf. Ze wordt daar toe gedreven door Wilson Ko, een van de studenten die haar vorig jaar in elkaar heeft gesleuteld. Met een joystick in zijn hand zorgt hij ervoor dat Eva een flesje water geeft aan een vrouw in een rolstoel. Deze handeling zou voor de locatie apart voorgeprogrammeerd moeten worden wil Eva de taak autonoom kunnen uitvoeren, en daar was nu geen tijd voor.
Marcel Laan, ICT-manager van Viva Zorggroep, op wiens uitnodiging de Delftenaren zijn langsgekomen, is totaal niet teleurgesteld. “Ik wist het al”, zegt hij. “Eva kan niets. De robot moet nog helemaal ontwikkeld worden. Wij vinden het mooi om daar bij betrokken te zijn. We zijn erg bezig met nieuwe technologieën. Medewerkers lopen hier bijvoorbeeld al tien jaar rond met een pda (personal digital assitant).” Eerder vertelde Laan al dat het verpleeghuis ook gebruik maakt van de therapeutische robot Paro, het aandoenlijke robotje in de vorm van een zeehond, dat dementerende ouderen gezelschap houdt.
Tot slot moet Eva laten zien dat ze mensen kan volgen naar hun kamer. Maar tijdens de demonstratie slaat ze op tilt, of althans daar lijkt het verdacht veel op. Ze rijdt met volle vaart richting een dame met een rollator. Broekens en Ko moeten een beetje lachen om de suggestie dat de robot op tilt zou zijn geslagen. Ko legt uit dat de robot een ander bewegend object voorbij zag komen en op die ander beweging is overgeschakeld.
Een beleefde robot die hete koffie aangeeft
Behalve het ontwikkelen van prototypes voor verzorgingstehuizen zal er binnen het project ‘value-based service robots’ onderzoek worden verricht door vier promovendi. Twee van de onderzoekers gaan kijken hoe ze het gedrag van een robot persoonlijker kunnen maken en het andere tweetal zal proberen de motoriek van de robot te verbeteren.
“Robots moeten leren hoe ze met mensen om moeten gaan”, legt Broekens uit. “Iemand die doof is, moet je niet aanspreken. Met zo’n patiënt kun je wellicht communiceren door objecten aan te wijzen. En hoe zorg je ervoor dat een robot beleefd over komt, dat is ook een onderzoeksvraag waar de twee promovendi zich op gaan richten.
Bij het onderzoek naar motoriek gaat het erom dat de robot uiteindelijk objecten kan overdragen. Dat is nu nog een groot probleem. Een robot kan niet soepeltjes iets aangeven, net zo min als kleine kinderen dat kunnen, die moeten dat leren. De mens past zich nu dus aan de robot aan. Met ouderen is dat niet altijd handig. Zeker niet als de robot een gloeiend heet kopje koffie aangeeft.

Comments are closed.