Onderwijs

‘Meer capaciteit en denkkracht’

Langzaam maar gestaag. Zo omschrijft prof.dr. H.G. Sol, decaan van Techniek, Bestuur en Management, de vorderingen van de clustering en de modernisering ondersteunende diensten (MOD).

Samensmelten

Zijn decanaat zit er bijna op. Prof.dr. H.G. Sol gaat zich per 1 juni weer aan de wetenschap wijden. Zo’n vijf jaar was hij decaan van Technische Bestuurskunde (TB) en sinds september van TBM, het fusieproduct van TB en Wijsbegeerte en Technische Maatschappijwetenschappen (WTM). ,,Ik vind het tijd voor een wisseling van de wacht. Het is goed als iemand die fris van buiten komt de clustering definitief gaat vormgeven.” Diegene is prof.dr. P.J. Idenburg, nu nog topfunctionaris bij het ministerie van Economische Zaken.

De operatie MOD – modernisering ondersteunende diensten – ligt bij TBM op schema, vertelt Sol. In april wordt het veranderplan afgerond, in mei het organisatieplan en in juni/juli het personeelsplan. ,,De MOD-procedure is voor ons niet problematisch omdat onze ondersteunde diensten niet overbezet zijn, maar eigenlijk onderbezet.”

Voor de clustering is een faseplan ontwikkeld, waarin vier stappen te onderscheiden zijn. Fase nul was een verkennende periode. Op 1 september 1997 werd deze afgesloten. In fase één is de faculteit TBM opgericht en werden een decaan en een vice-decaan aangesteld. Toen startte ook een aantal integratieprojecten om de samenwerking in onderwijs en onderzoek te bevorderen.


1 Illustratie: Gripp
Huisvesting

Fase twee start op 1 juni, gelijk met de komst van de nieuwe decaan. In deze periode, die twee tot vier jaar beslaat, moet een strategie voor TBM worden ontwikkeld en moeten voorbereidingen worden getroffen voor de nieuwe huisvesting. Sol: ,,Een gezamenlijke huisvesting vind ik een belangrijke voorwaarde voor een goede integratie. Wij zijn op dit moment verdeeld over drie gebouwen en dan leer je elkaar niet kennen. Fase drie is dan ook de vestiging van TBM in één gebouw.”

Het opstellen van een faseplan was een bewuste keuze. ,,Niemand weet wat de toekomst brengt. Het is onmogelijk om nu in te schatten wat de behoeftes zijn van studenten of de universiteit in 2010. Het voordeel van een faseplan is dat je dit tussentijds kunt bijstellen.”

De reorganisatieprocessen bij TBM lijken glad te verlopen. Wellicht beter dan bij andere faculteiten. Maar, zegt Sol: ,,Ik weet niet of het hier makkelijker gaat. Daar heb ik geen zicht op. Er is onderling weinig uitwisseling van ervaringen.”

Sol benadrukt dat ook bij TBM mensen bezorgd zijn over de toekomst. ,,Zelfs al heeft de reorganisatie minder personele consequenties. Medewerkers maken zich toch zorgen over de inhoud en de uitvoering van hun werkzaamheden.”
Breder pakket

Zelf is de decaan voorstander van integratie. Hij is van mening dat de samenwerking tussen beide faculteiten een meerwaarde kan opleveren. ,,Wij kunnen de studenten een breder onderwijspakket aanbieden. Door de bundeling van krachten hebben wij meer capaciteit en meer denkkracht. We overwegen bijvoorbeeld een opleiding ‘intellectueel eigendom’. Iedere ingenieur heeft daar mee te maken, maar slechts weinigen weten hoe ze dit moeten aanpakken.”

In de postdoctorale sfeer ziet Sol zelfs nog meer mogelijkheden. ,,Op dit moment is TBM betrokken bij zestig procent van het top-technische onderwijs. Wij verwachten dat aandeel in de toekomst te kunnen uitbreiden. Door de clustering kun je grotere projecten aan. Dat is een groot winstpunt.”

Samensmelten

Zijn decanaat zit er bijna op. Prof.dr. H.G. Sol gaat zich per 1 juni weer aan de wetenschap wijden. Zo’n vijf jaar was hij decaan van Technische Bestuurskunde (TB) en sinds september van TBM, het fusieproduct van TB en Wijsbegeerte en Technische Maatschappijwetenschappen (WTM). ,,Ik vind het tijd voor een wisseling van de wacht. Het is goed als iemand die fris van buiten komt de clustering definitief gaat vormgeven.” Diegene is prof.dr. P.J. Idenburg, nu nog topfunctionaris bij het ministerie van Economische Zaken.

De operatie MOD – modernisering ondersteunende diensten – ligt bij TBM op schema, vertelt Sol. In april wordt het veranderplan afgerond, in mei het organisatieplan en in juni/juli het personeelsplan. ,,De MOD-procedure is voor ons niet problematisch omdat onze ondersteunde diensten niet overbezet zijn, maar eigenlijk onderbezet.”

Voor de clustering is een faseplan ontwikkeld, waarin vier stappen te onderscheiden zijn. Fase nul was een verkennende periode. Op 1 september 1997 werd deze afgesloten. In fase één is de faculteit TBM opgericht en werden een decaan en een vice-decaan aangesteld. Toen startte ook een aantal integratieprojecten om de samenwerking in onderwijs en onderzoek te bevorderen.


1 Illustratie: Gripp
Huisvesting

Fase twee start op 1 juni, gelijk met de komst van de nieuwe decaan. In deze periode, die twee tot vier jaar beslaat, moet een strategie voor TBM worden ontwikkeld en moeten voorbereidingen worden getroffen voor de nieuwe huisvesting. Sol: ,,Een gezamenlijke huisvesting vind ik een belangrijke voorwaarde voor een goede integratie. Wij zijn op dit moment verdeeld over drie gebouwen en dan leer je elkaar niet kennen. Fase drie is dan ook de vestiging van TBM in één gebouw.”

Het opstellen van een faseplan was een bewuste keuze. ,,Niemand weet wat de toekomst brengt. Het is onmogelijk om nu in te schatten wat de behoeftes zijn van studenten of de universiteit in 2010. Het voordeel van een faseplan is dat je dit tussentijds kunt bijstellen.”

De reorganisatieprocessen bij TBM lijken glad te verlopen. Wellicht beter dan bij andere faculteiten. Maar, zegt Sol: ,,Ik weet niet of het hier makkelijker gaat. Daar heb ik geen zicht op. Er is onderling weinig uitwisseling van ervaringen.”

Sol benadrukt dat ook bij TBM mensen bezorgd zijn over de toekomst. ,,Zelfs al heeft de reorganisatie minder personele consequenties. Medewerkers maken zich toch zorgen over de inhoud en de uitvoering van hun werkzaamheden.”
Breder pakket

Zelf is de decaan voorstander van integratie. Hij is van mening dat de samenwerking tussen beide faculteiten een meerwaarde kan opleveren. ,,Wij kunnen de studenten een breder onderwijspakket aanbieden. Door de bundeling van krachten hebben wij meer capaciteit en meer denkkracht. We overwegen bijvoorbeeld een opleiding ‘intellectueel eigendom’. Iedere ingenieur heeft daar mee te maken, maar slechts weinigen weten hoe ze dit moeten aanpakken.”

In de postdoctorale sfeer ziet Sol zelfs nog meer mogelijkheden. ,,Op dit moment is TBM betrokken bij zestig procent van het top-technische onderwijs. Wij verwachten dat aandeel in de toekomst te kunnen uitbreiden. Door de clustering kun je grotere projecten aan. Dat is een groot winstpunt.”

Redacteur Redactie

Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.