Er lopen talloze lijntjes tussen de fossiele industrie en de Nederlandse universiteiten, waarschuwen actieonderzoekers in een nieuw rapport. Daaronder vallen ook fossiele bedrijven op de Delft Career Days.
Deelnemers aan de klimaatmars in Amsterdam in november 2021. (Foto: Romy Fernandez/Klimaatcrisis Coalitie)
Dit artikel in 1 minuut
- In een nieuw rapport brengen samenwerkende onderzoekers de fossiele banden van de Nederlandse universiteiten in kaart.
- Ook de aanwezigheid van fossiele bedrijven op banenmarkten als de Delft Career Days zien zij als fossiele banden.
- Net als vorig jaar zijn fossiele bedrijven weer welkom op de Delft Career Days. Twee jaar terug koos het bestuur juist voor meer nadruk op duurzaamheid.
- Fossiele bedrijven presenteren zich daar als ‘duurzaam en oplossingsgericht’ zegt Guus Dix, mede-auteur van het rapport. Terwijl zij volgens de onderzoekers juist blijven investeren in olie en gas en klimaatbeleid actief ondermijnen.
- De verantwoordelijkheid ligt volgens mede-auteur Guus Dix vooral bij universiteitsbestuurders en hoogleraren, die door samenwerking met fossiele bedrijven normaliseren dat deze op de campus thuishoren.
- Het rapport noemt ook andere zorgwekkende voorbeelden, zoals zwijgclausules in contracten, invloed van oud-fossiele topmannen in wetenschappelijke commissies en de TU Delft die via geothermieonderzoek zelf gas verkoopt.
De afgelopen jaren hebben activisten en onderzoekers bij de Nederlandse universiteiten documenten opgevraagd om de banden met de fossiele industrie in kaart te brengen. Het resultaat verwerkten ze in een interactief rapport.
Ook genoemd in dat rapport: de aanwezigheid van fossiele bedrijven op banenmarkten. Voor de kerst maakte Delft Career Days bekend dat die, net als vorig jaar, welkom zijn op de aankomende editie van de jaarlijkse banenmarkt. Onder meer Tata Steel, ExxonMobil en TotalEnergies staan er dit jaar.
Twee edities geleden koos het studentenbestuur er juist voor om fossiele bedrijven te weren vanwege een focus op duurzaamheid. Dat het bestuur erna die beslissing terugdraaide was mede reden voor activisten om te protesteren.
Ook ExxonMobil op een banenmarkt is een fossiele samenwerking, vindt wetenschapssocioloog Guus Dix, universitair docent aan de Universiteit Twente, mede-auteur van het nieuwe rapport.
Waarom is het een probleem als fossiele bedrijven op banenmarkten staan?
“Op zo’n banenmarkt presenteren fossiele bedrijven zich heel oplossingsgericht. Terwijl ze in feite door boren naar nieuwe olie- en gasvelden. ExxonMobil heeft de afgelopen tijd bijvoorbeeld heel hard gelobbyd om het Europees duurzaamheidsbeleid te ondermijnen.”
Vind je het jammer dat studenten deze bedrijven uitnodigen?
“Studenten zijn de laatste die ik fossiele samenwerkingen kwalijk neem. Het zijn bestuurders en professoren die een voorbeeldfunctie hebben. Als zij openlijk samenwerken met de fossiele industrie, lijkt dat voor de studenten ook normaal. Ik vind het wel jammer dat studenten de duurzame ambitie die ze zeggen te hebben niet waarmaken. Want als je daadwerkelijk begaan bent met de toekomst, kun je als bestuur van een banenmarkt een heel sterk signaal afgeven door een stevige keuze te maken.”
‘Als jonge medewerker heb je geen zeggenschap over de richting van het bedrijf. Ik waardeer de ambitie, maar het is volstrekt naïef’
Is het niet ook belangrijk om studenten de kans te geven om binnen fossiele bedrijven duurzame impact te maken?
“Dan heb je eigenlijk niet zo goed begrepen wat die bedrijven aan het doen zijn. Ze gaan de omgekeerde richting op. Duurzame energie stoten ze af, en investeringen in olie en gas voeren ze weer op. De jonge mensen die verandering wilden, verlaten die bedrijven weer: dat zijn de climate quitters. Die gaan er heen om te veranderen en merken dat dat niet lukt. Als jonge medewerker heb je geen enkele zeggenschap over de richting van het bedrijf. Ik waardeer de ambitie, maar het is volstrekt naïef.”
De aanwezigheid van fossiele bedrijven op banenmarkten als de Delft Career Days is maar één van de vele voorbeelden die Dix en zijn mede-auteurs in kaart brachten in hun rapport. Het staat vol met andere voorbeelden van fossiele samenwerkingen. Zo is een ‘olieman’ voorzitter van een NWO-commissie voor wetenschappelijk onderzoek naar de poolgebieden. Die man heeft 36 jaar bij Shell gewerkt, zegt Dix.
Springt dat voorbeeld eruit?
“Het is wel opvallend, ja. We stimuleren wetenschappelijk onderzoek naar de gevolgen van klimaatverandering voor het poolgebied, maar de voorzitter van de commissie heeft jarenlang voor de olie- en gasindustrie gewerkt. Hij heeft nu nog steeds een consultancybureau op dit gebied.”
Wat viel nog meer op?
“Er staan weleens zwijgclausules in de contracten van universiteiten met de fossiele industrie. Soms mogen de onderzoekers niet eens vertellen dat ze met een bepaald bedrijf samenwerken. Ook mogen ze niets zeggen dat de reputatie van dat bedrijf kan schaden. Dat beperkt de academische vrijheid, want er valt best iets negatiefs te zeggen over die bedrijven.”
Jullie melden ook dat de TU Delft zelf gas verkoopt.
“Bij onderzoek naar geothermie boren wetenschappers door allerlei aardlagen heen om hitte uit het binnenste van de aarde te halen. Toen zijn ze ook op gas gestuit en dat verkopen ze inderdaad. De TU Delft is nu zelf een gasbedrijf, zou je kunnen zeggen.”
Zou er een betere oplossing zijn geweest?
“Dat weet ik niet. Je kunt het gas niet zomaar laten vervliegen, want dat is ook niet goed voor het klimaat. Maar dat een universiteit gas verkoopt, is wel een beetje gek.”
Wanneer zijn jullie aan dit onderzoek begonnen?
“We protesteerden al een paar jaar, maar niemand kon inzichtelijk maken hoe de relaties tussen universiteiten en fossiele partners er precies uitzagen. Als we ernaar vroegen, bleken universiteitsbestuurders het zelf ook niet te weten. Daarom zijn we aan de slag gegaan. We hebben eerst openbare informatie verzameld, maar we wisten dat er nog meer moest zijn. Stap twee was het indienen van zogeheten WOO-verzoeken. We vroegen universiteiten: kunnen jullie ons documenten overhandigen waarin die banden zijn vastgelegd, zoals contracten of onderzoeksvoorstellen? Dat is 2,5 jaar geleden begonnen en we hebben nog steeds niet alles binnen.”
Jullie hekelen de financiering van onderzoek door de fossiele industrie. Gaat het om veel geld?
“Het gaat natuurlijk om miljoenen. Maar dan nog, het zijn relatief kleine bedragen. De overheidsfinanciering uit belastinggeld is veel omvangrijker, dus we kunnen best zonder.”
‘De kosten van ‘niets doen tegen klimaatverandering’ blijven buiten beschouwing’
Gaat de energietransitie niet sneller als je samenwerkt met de industrie?
“Volgens ons niet. Eerder onderzoek toonde aan dat economen bij zulke samenwerking eenzijdig de nadruk leggen op de kosten van de energietransitie, terwijl de kosten van ‘niets doen tegen klimaatverandering’ buiten beschouwing blijven.
Hier in Nederland zie je dat de fossiele bedrijven lobbyen voor oplossingen die in hun straatje passen. De overheid is daar gevoelig voor en trekt bijvoorbeeld honderden miljoenen uit voor onderzoek naar waterstof. Dat lijkt groen, maar let op: waterstof kun je ook uit aardgas produceren. Via ‘waterstof’ kunnen die bedrijven langer doorgaan met gas leveren.”
De laatste jaren ging het vooral over de banden van universiteiten met Israëlische instellingen. Is het klimaatactivisme ondergesneeuwd?
“Dat denk ik wel. Misschien dat het daardoor zo traag ging de laatste jaren. We moeten druk blijven zetten. Geen enkele universiteit heeft ooit uit zichzelf gedacht: we zitten in een klimaatcrisis, wat doen al die fossiele bedrijven hier?”
HOP, Bas Belleman/Delta, Kim Bakker
Heb je een vraag of opmerking over dit artikel?
redactie@hogeronderwijspersbureau.nl

Comments are closed.