Een half jaar geleden wilden TU noch bedrijfsleven ervan weten: bedrijven die studenten sponsoren. Inmiddels lijkt dit een achterhaald standpunt.
if”>
Het tekort aan ingenieurs – elektrotechnici, informatici en chemici voorop – zal naar verwachting de komende jaren schrijnend worden. Extra studiebeurzen is volgens sommigen een manier om technische studies aantrekkelijker te maken, en zo kwamen de drie TU’s met een beurzencampagne om hun eerstejaars bollebozen financieel te steunen. Een omstreden idee, en hooguit een druppel op een gloeiende plaat. Cvb-voorzitter De Voogd pleitte in zijn rede bij de opening van het academisch jaar daarom voor een ‘Deltaplan Bèta en Techniek’ samen met overheid en bedrijfsleven.
Opmerkelijk, omdat De Voogd eind februari nog fel uithaalde naar de TU-Eindhoven vanwege een plan bedrijven te laten bijdragen aan eerstejaars-beurzen. Met de werkgeversorganisaties was namelijk afgesproken dat het bedrijfsleven niet mee zou betalen aan dergelijke beurzen. Een visie die werkgeversorganisatie VNO-NCW nog steeds huldigt: ,,Wij vinden het principieel niet juist dat het bedrijfsleven mee zou moeten betalen aan beurzen voor techniek-studenten”, verklaart drs. A. Renique, secretaris onderwijszaken. ,,Dat moet de minister in zijn systeem van studiefinanciering doen, en niet het bedrijfsleven.”
Toch lijkt dit principiële standpunt inmiddels achterhaald door de feiten. Zo sloot de TU Eindhoven kortgeleden ‘sponsorcontracten’ met een drietal bedrijven. Twintig eerstejaars elektrotechniek en een evengroot aantal eerstejaars technische informatica krijgen van deze bedrijven een beurs van vijfduizend gulden, meldt Peter van Dam, hoofd in- en externe betrekkingen in Eindhoven. De helft van het bedrag bij aanvang van de studie, de andere helft wanneer na een jaar de propedeuse behaald is.
De studenten zijn geselecteerd op motivatie en eindexamencijfers. ,,We verwachten door deze beurzen niet enorme aantallen extra studenten. Maar het is ook een signaal aan de politiek dat er iets moet gebeuren aan de studiefinanciering voor technische studies.”
Experiment
De bedrijven verlangen volgens Van Dam niets van de studenten terug. De beurzen zijn wel naar de bedrijven genoemd en de sponsor mag de beurs zelf uitreiken waarbij de gelegenheid geboden wordt de motieven toe te lichten en zo het bedrijf onder de aandacht te brengen.
Kan ook Delft iets dergelijks verwachten? De Voogd geeft toe dat zijn aanvankelijke scepsis tegenover bedrijfsbeurzen is getemperd onder invloed van rapporten van Verruijt en het Iva in Tilburg. De Voogd: ,,In Amerika kennen de prestigieuze universiteiten het systeem dat bedrijven studenten sponsoren al lang. Ik constateer dat het daar succes heeft. Toch weet ik niet of wij ook zo ver zouden moeten gaan.”
Maar het voorzichtige Eindhovense experiment lijkt in Delft al op korte termijn navolging te krijgen. Twee à drie bedrijven hebben zich gemeld om eerstejaars te sponsoren. De bedrijven zullen in eerste instantie geld storten in het al bestaande beurzenfonds, en verlangen hiervoor volgens De Voogd niets terug. Hij houdt de mogelijkheid open dat er in de toekomst wellicht andere (meer directe) vormen van bedrijfssponsoring denkbaar zijn.
Ondanks het principiële ‘nee’ van hun belangenvereniging blijken grote bedrijven dus toch bereid mee te betalen aan het techniekonderwijs. ,,We zijn het principieel met VNO-NCW eens”, legt F.A. van Rooijen, plaatsvervangend hoofd P&O van het Hengelose defensiebedrijf Signaal uit. ,,Ritzen noemt het de verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven, wij vinden het de verantwoordelijkheid van de overheid.”
In het RTL-5 programma De Kwestie pleitte Van Rooijen enkele weken geleden voor ‘marktwerking’ in het onderwijs: hoe gewilder de studie bij het bedrijfsleven, hoe hoger de studiebeurs. Signaal blijkt uiteindelijk toch bereid hieraan mee te betalen. ,,Als over een, twee jaar blijkt dat de overheid nog steeds niets doet, zal het bedrijfsleven uit een zeker pragmatisme wel moeten.”
Van Rooijen verwacht geen project van het gezamenlijke bedrijfsleven. Daarvoor is de onderlinge concurrentie in de slag om de techneut te groot. Overigens sponsort Signaal nu al studenten in het laatste jaar van hun studie. In ruil daarvoor tekent de student een arbeidscontract.
Risico’s
Eerder dit jaar maakte de VNCI, de branchvereniging van de chemische industrie, bekend een half miljoen gulden beschikbaar te stellen aan goed-gemotiveerde hogerejaars scheikunde studenten. Ook deze maatregel is bedoeld om meer scholieren tot een chemische studie over te halen.
Ir. D.A. Hoogwater, coördinator externe contacten bij de faculteit Scheikundige Technologie en Materiaalkunde, heeft zijn twijfels. ,,De regeling zoals die bedacht is, biedt geen oplossing. Het zal wel stimuleren tot betere prestaties, maar ik verwacht niet dat het aantal studenten zal toenemen.”
Ook VNO-NCW verwacht weinig heil van de huidige beurzenprogramma’s. Renique: ,,Het beurzenprogramma bevoordeelt nu vooral studenten die toch al van plan waren een technische opleiding te gaan doen. Wij zijn ervoor op een generieke manier álle studenten voor studies waarvoor een tekort dreigt, een hogere toelage toe te kennen.” Signaal huldigt een vergelijkbaar standpunt.
De Voogd vindt de kritiek op de wijze van toekenning van ondermeer de eigen TU-beurzen ’te vroeg’. Volgens de cvb-voorzitter is uit een ‘heel goede statistische schatting’ gebleken dat een toekenning van 250 beurzen, ongeveer tachtig à honderd extra studenten oplevert. Hierbij zijn wel inbegrepen de studenten die bij andere bèta-opleidingen of technische universiteiten vandaan geplukt worden. Daarnaast is De Voogd van mening dat het huidige verdeelmodel juist studenten uit minder bedeelde kringen aantrekt, omdat deze ook bij goede examencijfers geneigd zijn financiële risico’s te mijden.
Hoe de beurzen ook verdeeld worden, het blijft de vraag of het de Nederlandse jeugd structureel op andere gedachten zal brengen. Velen zien daarom meer heil in maatregelen die het tekort aan bèta-studenten bij de wortel aanpakken. ,,Bekend is dat mensen al op zeer jonge leeftijd impliciet of expliciet kiezen voor al dan niet technische studies”, is de mening van J. Ducheine van Philips Personeelszaken. ,,Maatregelen moeten dan ook gericht zijn op mensen in die leeftijdsfase om de keuze positief te beïnvloeden.” Philips sponsort dan ook geen studenten.
Een half jaar geleden wilden TU noch bedrijfsleven ervan weten: bedrijven die studenten sponsoren. Inmiddels lijkt dit een achterhaald standpunt.
Het tekort aan ingenieurs – elektrotechnici, informatici en chemici voorop – zal naar verwachting de komende jaren schrijnend worden. Extra studiebeurzen is volgens sommigen een manier om technische studies aantrekkelijker te maken, en zo kwamen de drie TU’s met een beurzencampagne om hun eerstejaars bollebozen financieel te steunen. Een omstreden idee, en hooguit een druppel op een gloeiende plaat. Cvb-voorzitter De Voogd pleitte in zijn rede bij de opening van het academisch jaar daarom voor een ‘Deltaplan Bèta en Techniek’ samen met overheid en bedrijfsleven.
Opmerkelijk, omdat De Voogd eind februari nog fel uithaalde naar de TU-Eindhoven vanwege een plan bedrijven te laten bijdragen aan eerstejaars-beurzen. Met de werkgeversorganisaties was namelijk afgesproken dat het bedrijfsleven niet mee zou betalen aan dergelijke beurzen. Een visie die werkgeversorganisatie VNO-NCW nog steeds huldigt: ,,Wij vinden het principieel niet juist dat het bedrijfsleven mee zou moeten betalen aan beurzen voor techniek-studenten”, verklaart drs. A. Renique, secretaris onderwijszaken. ,,Dat moet de minister in zijn systeem van studiefinanciering doen, en niet het bedrijfsleven.”
Toch lijkt dit principiële standpunt inmiddels achterhaald door de feiten. Zo sloot de TU Eindhoven kortgeleden ‘sponsorcontracten’ met een drietal bedrijven. Twintig eerstejaars elektrotechniek en een evengroot aantal eerstejaars technische informatica krijgen van deze bedrijven een beurs van vijfduizend gulden, meldt Peter van Dam, hoofd in- en externe betrekkingen in Eindhoven. De helft van het bedrag bij aanvang van de studie, de andere helft wanneer na een jaar de propedeuse behaald is.
De studenten zijn geselecteerd op motivatie en eindexamencijfers. ,,We verwachten door deze beurzen niet enorme aantallen extra studenten. Maar het is ook een signaal aan de politiek dat er iets moet gebeuren aan de studiefinanciering voor technische studies.”
Experiment
De bedrijven verlangen volgens Van Dam niets van de studenten terug. De beurzen zijn wel naar de bedrijven genoemd en de sponsor mag de beurs zelf uitreiken waarbij de gelegenheid geboden wordt de motieven toe te lichten en zo het bedrijf onder de aandacht te brengen.
Kan ook Delft iets dergelijks verwachten? De Voogd geeft toe dat zijn aanvankelijke scepsis tegenover bedrijfsbeurzen is getemperd onder invloed van rapporten van Verruijt en het Iva in Tilburg. De Voogd: ,,In Amerika kennen de prestigieuze universiteiten het systeem dat bedrijven studenten sponsoren al lang. Ik constateer dat het daar succes heeft. Toch weet ik niet of wij ook zo ver zouden moeten gaan.”
Maar het voorzichtige Eindhovense experiment lijkt in Delft al op korte termijn navolging te krijgen. Twee à drie bedrijven hebben zich gemeld om eerstejaars te sponsoren. De bedrijven zullen in eerste instantie geld storten in het al bestaande beurzenfonds, en verlangen hiervoor volgens De Voogd niets terug. Hij houdt de mogelijkheid open dat er in de toekomst wellicht andere (meer directe) vormen van bedrijfssponsoring denkbaar zijn.
Ondanks het principiële ‘nee’ van hun belangenvereniging blijken grote bedrijven dus toch bereid mee te betalen aan het techniekonderwijs. ,,We zijn het principieel met VNO-NCW eens”, legt F.A. van Rooijen, plaatsvervangend hoofd P&O van het Hengelose defensiebedrijf Signaal uit. ,,Ritzen noemt het de verantwoordelijkheid van het bedrijfsleven, wij vinden het de verantwoordelijkheid van de overheid.”
In het RTL-5 programma De Kwestie pleitte Van Rooijen enkele weken geleden voor ‘marktwerking’ in het onderwijs: hoe gewilder de studie bij het bedrijfsleven, hoe hoger de studiebeurs. Signaal blijkt uiteindelijk toch bereid hieraan mee te betalen. ,,Als over een, twee jaar blijkt dat de overheid nog steeds niets doet, zal het bedrijfsleven uit een zeker pragmatisme wel moeten.”
Van Rooijen verwacht geen project van het gezamenlijke bedrijfsleven. Daarvoor is de onderlinge concurrentie in de slag om de techneut te groot. Overigens sponsort Signaal nu al studenten in het laatste jaar van hun studie. In ruil daarvoor tekent de student een arbeidscontract.
Risico’s
Eerder dit jaar maakte de VNCI, de branchvereniging van de chemische industrie, bekend een half miljoen gulden beschikbaar te stellen aan goed-gemotiveerde hogerejaars scheikunde studenten. Ook deze maatregel is bedoeld om meer scholieren tot een chemische studie over te halen.
Ir. D.A. Hoogwater, coördinator externe contacten bij de faculteit Scheikundige Technologie en Materiaalkunde, heeft zijn twijfels. ,,De regeling zoals die bedacht is, biedt geen oplossing. Het zal wel stimuleren tot betere prestaties, maar ik verwacht niet dat het aantal studenten zal toenemen.”
Ook VNO-NCW verwacht weinig heil van de huidige beurzenprogramma’s. Renique: ,,Het beurzenprogramma bevoordeelt nu vooral studenten die toch al van plan waren een technische opleiding te gaan doen. Wij zijn ervoor op een generieke manier álle studenten voor studies waarvoor een tekort dreigt, een hogere toelage toe te kennen.” Signaal huldigt een vergelijkbaar standpunt.
De Voogd vindt de kritiek op de wijze van toekenning van ondermeer de eigen TU-beurzen ’te vroeg’. Volgens de cvb-voorzitter is uit een ‘heel goede statistische schatting’ gebleken dat een toekenning van 250 beurzen, ongeveer tachtig à honderd extra studenten oplevert. Hierbij zijn wel inbegrepen de studenten die bij andere bèta-opleidingen of technische universiteiten vandaan geplukt worden. Daarnaast is De Voogd van mening dat het huidige verdeelmodel juist studenten uit minder bedeelde kringen aantrekt, omdat deze ook bij goede examencijfers geneigd zijn financiële risico’s te mijden.
Hoe de beurzen ook verdeeld worden, het blijft de vraag of het de Nederlandse jeugd structureel op andere gedachten zal brengen. Velen zien daarom meer heil in maatregelen die het tekort aan bèta-studenten bij de wortel aanpakken. ,,Bekend is dat mensen al op zeer jonge leeftijd impliciet of expliciet kiezen voor al dan niet technische studies”, is de mening van J. Ducheine van Philips Personeelszaken. ,,Maatregelen moeten dan ook gericht zijn op mensen in die leeftijdsfase om de keuze positief te beïnvloeden.” Philips sponsort dan ook geen studenten.
Comments are closed.