Campus

‘Het ritgemiddelde is 3,15 man’

Al bijna twintig jaar carpoolen ze samen, maar behalve van en naar Gouda rijden hebben de heren nog nooit gezamenlijk iets ondernomen. Misschien moet het er bij het twintigjarig jubileum maar eens van komen.

Voordat ze elkaar vonden, waren Ed de Wild, Henk Bokhove, Henk Bruggemans en Jack Elich al bekend met het carpool-fenomeen, maar zaten ze nog in twee verschillende pools. Elich en de Wild samen in een pool, en Bokhove en Bruggemans in een andere. De Wild: ,,Op een gegeven moment vielen deze pools uit elkaar, maar we wilden er toch graag mee doorgaan. Dus heb ik de TU-gids erbij gepakt en gekeken wie er bij Natuurkunde allemaal uit Gouda kwamen. Ik heb een heleboel mensen afgebeld, maar niemand had zin. Uiteindelijk zijn onze pools gefuseerd.”

In de huidige samenstelling poolen de vier op 7 september twintig jaar samen. ,,De vijfentwintig jaar halen we net niet”, lacht Bruggemans. ,,Ik ben echt niet van plan om daarvoor nog een jaar langer te werken.”

Bokhove werkt bij de TPD, Bruggemans bij TPD en Natuurkunde, Elich bij Natuurkunde en De Wild is overgestapt van Natuurkunde naar Informatica. Hoewel ze dus zowel wat werk als woonplaats betreft bij elkaar in de buurt zitten, hebben ze buiten het carpoolen niets met elkaar te maken. En hun echtgenotes kennen elkaar ook niet. ,,Ja, stel dat ze ruzie krijgen! Dan valt ineens de pool uit elkaar omdat ze een van ons niet meer op de oprit willen zien”, meent Bruggemans. ,,Bovendien hebben we al eens bedacht dat we alleen al door het carpoolen meer tijd met elkaar doorbrengen dan met onze vrouwen, dus dat is ook wel genoeg.”
Samen stilstaan

De belankrijkste reden dat ze zijn begonnen met carpoolen, is om geen tweede auto aan te hoeven schaffen. Bokhove: ,,Op de dagen dat je niet hoeft te rijden, beschikt je vrouw over de auto. Bovendien kun je dan lekker achterin de auto zitten en soms zelfs nog wat werk doen. Het grootste minpunt van de carpool is natuurlijk dat je altijd een auto moet kopen waar vier mensen goed in kunnen zitten.”

Evident verschil met twintig jaar geleden is de reistijd: ,,Vroeger reden we samen, nu staan we samen stil”, grapt De Wild. Vijfenveertig minuten tot een uur kost het om van de TU naar Gouda te rijden, als het druk is. Buiten de spits duurt het twintig minuten. Daar komt dan nog bij dat de passagiers ‘s ochtends moeten worden opgehaald en ‘s avonds weer worden afgezet. Dat kost nog eens een kwartier.

Om het vol te houden twintig jaar met elkaar te carpoolen mag je geen extreme karakters hebben, menen de heren. ,,Stel je voor dat er elke ochtend iemand met een chagrijnige kop in de auto zit. Na verloop van tijd word je dat behoorlijk zat.” meent Bruggemans.

,,Echt ruzie hebben we ook nog nooit gehad”, vult De Wildaan, ,,soms wel eens een meningsverschil, maar dat is alles. Ik denk dat de NS het er wat dat betreft een stuk slechter vanaf brengt.”
Frontale botsing

Een groot deel van het succes schuilt waarschijnlijk ook in de poolregels. ,,Aan het begin kreeg iedere pooler vijf punten. De bestuurder krijgt van elke passagier een punt en degene met de minste punten moet de volgende dag rijden”, legt Bokhove uit. ,,Ik ben de secretaris van de carpool. Ik houd elke dag bij hoeveel punten iedereen heeft. En een tien-jaarverslag maak ik ook. Met grafieken van de gemiddelde bezetting van de auto, bijvoorbeeld. Uit het laatste verslag blijkt dat we over de afgelopen twintig jaar gemiddeld met 3,15 man in de auto hebben gezeten. In de grafieken kun je ook heel goed zien in welk kwartaal er mensen met vakantie zijn geweest. Daar zit een dip in de grafiek. Je kunt ook zien dat de laatste jaren onze kinderen van school zijn. De dips zijn minder diep omdat de vakanties meer worden gespreid.”

Ernstige ongelukken hebben ze gelukkig nog nooit gehad. ,,Vorig jaar hebben we in een kettingbotsing gestaan op de A20, maar dat was niet onze schuld. We stonden stil en ineens schoof er een aantal auto’s van achteren op ons”, vertelt Bokhove. ,,Oh ja, en die keer op het parkeerterrein bij de Aula”, herinnert De Wild zich. ,,Toen had ik een frontale botsing met een bromfietser. Die zat achterstevoren op zijn bromfiets. Ik zag al aankomen dat het niet goed zou gaan, dus ik stond al stil, maar hij reed gewoon door. Ik weet nog dat hij zich behoorlijk zorgen maakte wat zijn vader daarvan zou zeggen, want het was al de tweede brommer die hij dat jaar total loss had gereden.”

Inmiddels is het viertal redelijk bedreven in het vermijden van files. Als de file bekend is, wordt de tocht naar huis via een sluipweg afgelegd. ,,Tussen de kassen door en bij de derde koe linksaf”, aldus De Wilde. ,,Maar dan moeten de anderen er wel bij zijn; in mijn eentje zou ik geheid verdwalen.”

Voordat ze elkaar vonden, waren Ed de Wild, Henk Bokhove, Henk Bruggemans en Jack Elich al bekend met het carpool-fenomeen, maar zaten ze nog in twee verschillende pools. Elich en de Wild samen in een pool, en Bokhove en Bruggemans in een andere. De Wild: ,,Op een gegeven moment vielen deze pools uit elkaar, maar we wilden er toch graag mee doorgaan. Dus heb ik de TU-gids erbij gepakt en gekeken wie er bij Natuurkunde allemaal uit Gouda kwamen. Ik heb een heleboel mensen afgebeld, maar niemand had zin. Uiteindelijk zijn onze pools gefuseerd.”

In de huidige samenstelling poolen de vier op 7 september twintig jaar samen. ,,De vijfentwintig jaar halen we net niet”, lacht Bruggemans. ,,Ik ben echt niet van plan om daarvoor nog een jaar langer te werken.”

Bokhove werkt bij de TPD, Bruggemans bij TPD en Natuurkunde, Elich bij Natuurkunde en De Wild is overgestapt van Natuurkunde naar Informatica. Hoewel ze dus zowel wat werk als woonplaats betreft bij elkaar in de buurt zitten, hebben ze buiten het carpoolen niets met elkaar te maken. En hun echtgenotes kennen elkaar ook niet. ,,Ja, stel dat ze ruzie krijgen! Dan valt ineens de pool uit elkaar omdat ze een van ons niet meer op de oprit willen zien”, meent Bruggemans. ,,Bovendien hebben we al eens bedacht dat we alleen al door het carpoolen meer tijd met elkaar doorbrengen dan met onze vrouwen, dus dat is ook wel genoeg.”
Samen stilstaan

De belankrijkste reden dat ze zijn begonnen met carpoolen, is om geen tweede auto aan te hoeven schaffen. Bokhove: ,,Op de dagen dat je niet hoeft te rijden, beschikt je vrouw over de auto. Bovendien kun je dan lekker achterin de auto zitten en soms zelfs nog wat werk doen. Het grootste minpunt van de carpool is natuurlijk dat je altijd een auto moet kopen waar vier mensen goed in kunnen zitten.”

Evident verschil met twintig jaar geleden is de reistijd: ,,Vroeger reden we samen, nu staan we samen stil”, grapt De Wild. Vijfenveertig minuten tot een uur kost het om van de TU naar Gouda te rijden, als het druk is. Buiten de spits duurt het twintig minuten. Daar komt dan nog bij dat de passagiers ‘s ochtends moeten worden opgehaald en ‘s avonds weer worden afgezet. Dat kost nog eens een kwartier.

Om het vol te houden twintig jaar met elkaar te carpoolen mag je geen extreme karakters hebben, menen de heren. ,,Stel je voor dat er elke ochtend iemand met een chagrijnige kop in de auto zit. Na verloop van tijd word je dat behoorlijk zat.” meent Bruggemans.

,,Echt ruzie hebben we ook nog nooit gehad”, vult De Wildaan, ,,soms wel eens een meningsverschil, maar dat is alles. Ik denk dat de NS het er wat dat betreft een stuk slechter vanaf brengt.”
Frontale botsing

Een groot deel van het succes schuilt waarschijnlijk ook in de poolregels. ,,Aan het begin kreeg iedere pooler vijf punten. De bestuurder krijgt van elke passagier een punt en degene met de minste punten moet de volgende dag rijden”, legt Bokhove uit. ,,Ik ben de secretaris van de carpool. Ik houd elke dag bij hoeveel punten iedereen heeft. En een tien-jaarverslag maak ik ook. Met grafieken van de gemiddelde bezetting van de auto, bijvoorbeeld. Uit het laatste verslag blijkt dat we over de afgelopen twintig jaar gemiddeld met 3,15 man in de auto hebben gezeten. In de grafieken kun je ook heel goed zien in welk kwartaal er mensen met vakantie zijn geweest. Daar zit een dip in de grafiek. Je kunt ook zien dat de laatste jaren onze kinderen van school zijn. De dips zijn minder diep omdat de vakanties meer worden gespreid.”

Ernstige ongelukken hebben ze gelukkig nog nooit gehad. ,,Vorig jaar hebben we in een kettingbotsing gestaan op de A20, maar dat was niet onze schuld. We stonden stil en ineens schoof er een aantal auto’s van achteren op ons”, vertelt Bokhove. ,,Oh ja, en die keer op het parkeerterrein bij de Aula”, herinnert De Wild zich. ,,Toen had ik een frontale botsing met een bromfietser. Die zat achterstevoren op zijn bromfiets. Ik zag al aankomen dat het niet goed zou gaan, dus ik stond al stil, maar hij reed gewoon door. Ik weet nog dat hij zich behoorlijk zorgen maakte wat zijn vader daarvan zou zeggen, want het was al de tweede brommer die hij dat jaar total loss had gereden.”

Inmiddels is het viertal redelijk bedreven in het vermijden van files. Als de file bekend is, wordt de tocht naar huis via een sluipweg afgelegd. ,,Tussen de kassen door en bij de derde koe linksaf”, aldus De Wilde. ,,Maar dan moeten de anderen er wel bij zijn; in mijn eentje zou ik geheid verdwalen.”

Editor Redactie

Do you have a question or comment about this article?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.