Education

Clash of the Cover Bands

Hundreds of cover bands are currently battling it out for the title of ‘Best Cover Band of the Netherlands’. The regional quarter-finals are held on Friday nights this month in Rotterdam.

Clash of the Cover Bands is a simple concept. Bands get thirty minutes on stage to play their songs, and then the winners of a professional jury review, and the public’s vote, go to the next round, with the best ones ultimately winning their fifteen minutes of fame by performing in the national semifinals at Amsterdam’s Paradiso concert hall.

Having recently attended a quarterfinal cover band clash, I can report that not all these bands are worth hearing, not every random bunch of guys can produce good music, but it’s always fascinating to see people chasing their dreams and being passionate about something – even if they stink at it. Like the band CargoVibes – no voice, lousy music, zero charisma.
Some of these cover bands dare to step into the shoes of real musical heroes, like ‘Echo Bowie’ for example; although skeptical at first, I was pleasantly surprised when this band loosened up after several songs, and by the time they got to the Space Oddity, they were rocking! Just like the real thing. Well… almost.

And then there are the really good bands. ‘Peen uit Hellevoetsluis’, an 11-member ska band, gives their all on stage, playing, as they say, “the most fun songs from the past forty years of reggae and ska”. Peen won their quarterfinal by a landslide.

Attending Clash of the Cover Bands is a chance to hear plenty of music in one night. The regional quarterfinals are at Rotterdam’s Plan C on Friday nights – November 6, 13 and 20. For just 10 euro, you help determine who’ll be the next ‘Best Cover Band of the Netherlands’. And if you get inspired, you can always register for next year’s competition.  

www.clashofthecoverbands.com
www.plan-c.nl

De astronomen die vanaf 2012 aan de knoppen draaien van de supertelescoop Alma in de woestijn van Chili krijgen een nauwkeuriger beeld van het heelal te zien dankzij een Delftse vinding. Ir. Chris Lodewijk en technicus Tony Zijlstra van het Kavli Instituut voor Nanowetenschappen verbeterden een sensor die interstellair gas detecteert.
Deze sensor, een zogenaamde supergeleidende tunneljunctie bestaat uit twee supergeleiders die zijn gescheiden door een één tot twee nanometer dikke isolerende laag, meestal van aluminiumoxide. Dit laagje is altijd wel op een paar plaatsen lek. Bij aluminiumnitride speelt dit probleem niet, bleek uit onderzoek van Lodewijk. Een laagje van dit materiaal is veel homogener. De meetnauwkeurigheid van de sensor werd met het nieuwe isolerende laagje sterk verbeterd.
“Bij het Alma kunnen ze hierdoor de straling van interstellair gas, waarvan de frequentie varieert tussen de 600 en 720 GHz, nauwkeuriger meten”, zegt Lodewijk die deze week promoveerde.
Alma staat voor Atacama Large Millimeter/submillimeter Array. Technici en astronomen uit de hele wereld werken momenteel aan de bouw van deze opstelling die zal bestaan uit 66 geavanceerde telescopen. Het geheel verrijst in de Atacama-woestijn in Chili op een hoogte van vijf kilometer. Daar hebben de telescopen minder last van waterdamp die sommige stralingen uit het heelal tegenhouden.
Het werk van Lodewijk en Zijlstra is ook van belang voor de Herschel Space Telescope, die in april wordt gelanceerd. De Herschel Space Telescope is de opvolger van de Hubble-telescoop. Het Kavli Instituut voor Nanowetenschappen heeft een groot deel van de cruciale tunneljuncties voor de meetinstrumenten van de Herschel Telescoop ontwikkeld.

Editor Redactie

Do you have a question or comment about this article?

delta@tudelft.nl

Comments are closed.