De verwachtingen waren hooggespannen. Het slotdebat van de Sustainablabla!? 2009 Stylos Conferentie beloofde ‘deblat’ op hoog niveau. In het panel zaten niet minder dan Jo Coenen, oud-rijksbouwmeester, Liesbeth van der Pol, regerend rijksbouwmeester en Bas van der Griendt, general manager duurzaamheid bij Bouwfonds. Dat eminente trio stond onder leiding van de even teruggehaalde bouwkundeprof Kees Duijvestein. Een mooie bezetting.
Daarnaast was de serieuze hoop dat tijdens de 2,5 dag durende conferentie het wijdlopige debat over duurzaamheid overstegen zou worden. Anders zet je in je naam niet ‘blabla!?’ Vooraf was het onderwerp keurig ingeperkt. ‘De conferentie is opgebouwd aan de hand van drie thema’s: water, materiaal & energie’, meldde de site.
‘Stuurman’ Kees Duijvestein hield in zijn inleiding de hoop levend door te signaleren dat er veel ‘blabla’ is over duurzaamheid. Zijn panelleden moesten zich vervolgens binnen drie minuten – kookwekker bij de hand – introduceren. Duijvestein zette een structuur neer voor de discussie: zijn al eerder ten beste gegeven tetraëder van de duurzaamheid. Op de p-driehoek people-planet-prosperity zette hij de p van project. En bij elk van de p’s hoort een rijtje van pakweg tien factoren die daarbij meespelen. Dat exposé ging in een geweldige gang, met veel woorden, sheets én de Duijvestein zo eigen drukte. Geen blabla, maar wel een aanslag op het uithoudingsvermogen van de ongeveer vijftig toehoorders.
Wat de panelleden nog misten, vroeg Duijvestein. Daar wisten ze alle drie wel een puntje te bedenken. Politieke wil, zei Coenen. Tijd voor bezinning, stelde Van de Pol. Wat doe je tot het perfecte duurzame plaatje rond is, wierp Van de Griendt op. Vervolgens mocht het trio stickers plakken op sustainability-aspecten die ze al dan niet belangrijk vonden. En die toelichten natuurlijk. In een wip werd het begrip duurzaamheid heel breed. Maar vrijwel geen water, materiaal en energie.
Waarover spraken zij dan wel? Over comfort. In veel facetten. Coenen vindt bij duurzaamheid comfort niet iets om zich druk om te maken. Veiligheid wel, want ‘je moet je ergens comfortabel voelen’. Van de Griendt verstaat er onder meer onder het besef dat je CO2-consumptie wordt gecompenseerd.
Het ging over het verschil stad-land. Is ook onderdeel van duurzaamheid, meent Van de Pol, net als een groot netwerk van gladde voet- en wandelpaden. Hard nodig, stelt ze, vanwege de vergrijzing en de golf aan rollators die die te weeg gaat brengen. En paleis Soestdijk, door zijn historische waarde na alle defilés die er voorbijtrokken.
Het beeld werd steeds diffuser. Imago, identiteit en participatie passeerden de revue, maar ook dat laatste had bij de drie debaters vele gezichten. Onderhoudend was het debat en gezellig. Niet eenduidig. Toch iets te veel blabla.
De verwachtingen waren hooggespannen. Het slotdebat van de Sustainablabla!? 2009 Stylos Conferentie beloofde ‘deblat’ op hoog niveau. In het panel zaten niet minder dan Jo Coenen, oud-rijksbouwmeester, Liesbeth van der Pol, regerend rijksbouwmeester en Bas van der Griendt, general manager duurzaamheid bij Bouwfonds. Dat eminente trio stond onder leiding van de even teruggehaalde bouwkundeprof Kees Duijvestein. Een mooie bezetting.
Daarnaast was de serieuze hoop dat tijdens de 2,5 dag durende conferentie het wijdlopige debat over duurzaamheid overstegen zou worden. Anders zet je in je naam niet ‘blabla!?’ Vooraf was het onderwerp keurig ingeperkt. ‘De conferentie is opgebouwd aan de hand van drie thema’s: water, materiaal & energie’, meldde de site.
‘Stuurman’ Kees Duijvestein hield in zijn inleiding de hoop levend door te signaleren dat er veel ‘blabla’ is over duurzaamheid. Zijn panelleden moesten zich vervolgens binnen drie minuten – kookwekker bij de hand – introduceren. Duijvestein zette een structuur neer voor de discussie: zijn al eerder ten beste gegeven tetraëder van de duurzaamheid. Op de p-driehoek people-planet-prosperity zette hij de p van project. En bij elk van de p’s hoort een rijtje van pakweg tien factoren die daarbij meespelen. Dat exposé ging in een geweldige gang, met veel woorden, sheets én de Duijvestein zo eigen drukte. Geen blabla, maar wel een aanslag op het uithoudingsvermogen van de ongeveer vijftig toehoorders.
Wat de panelleden nog misten, vroeg Duijvestein. Daar wisten ze alle drie wel een puntje te bedenken. Politieke wil, zei Coenen. Tijd voor bezinning, stelde Van der Pol. Wat doe je tot het perfecte duurzame plaatje rond is, wierp Van de Griendt op. Vervolgens mocht het trio stickers plakken op sustainability-aspecten die ze al dan niet belangrijk vonden. En die toelichten natuurlijk. In een wip werd het begrip duurzaamheid heel breed. Maar vrijwel geen water, materiaal en energie.
Waarover spraken zij dan wel? Over comfort. In veel facetten. Coenen vindt bij duurzaamheid comfort niet iets om zich druk om te maken. Veiligheid wel, want ‘je moet je ergens comfortabel voelen’. Van de Griendt verstaat er onder meer onder het besef dat je CO2-consumptie wordt gecompenseerd.
Het ging over het verschil stad-land. Is ook onderdeel van duurzaamheid, meent Van der Pol, net als een groot netwerk van gladde voet- en wandelpaden. Hard nodig, stelt ze, vanwege de vergrijzing en de golf aan rollators die die te weeg gaat brengen. En paleis Soestdijk, door zijn historische waarde na alle defilés die er voorbijtrokken.
Het beeld werd steeds diffuser. Imago, identiteit en participatie passeerden de revue, maar ook dat laatste had bij de drie debaters vele gezichten. Onderhoudend was het debat en gezellig. Niet eenduidig. Toch iets te veel blabla.
Foto
Foto
Foto
Foto
Eindelijk. Hij mag de weg op. De Superbus van prof.dr. Wubbo Ockels kreeg dinsdag een kenteken van minster Schultz van Haegen van Infrastructuur en Milieu.
De Delfste start-up aQysta heeft men hun door waterkracht aangedreven irrigatiesysteem de Philips Innovation Award 2012 gewonnen. De vier studenten ontvingen hun prijs ter waarde van 28.500 euro tijdens een feestelijke uitreiking dinsdag ...